Humor, compleet verzorgde humor

Vervolg: De zwarte O-jol


home


Cabaret-leven:


Revue Restant

Het Grote Optreden

Apart verder

Heiligerlee

Compleet verzorgde humor

Vrienden

Andijk

Optreden in Rotterdam

De zwarte O-jol

Scheiding

 


Verhalen


Friesland

De Kraai

De Afsluitdijk

Cabaretteksten

De zwarte O-jol

Dat was voor mij dus voorlopig het afscheid van de boot die inmiddels door Jos "Zeezicht" was genoemd en na zijn dood door Roel en Tinka omgedoopt werd tot "Joseph". 
Jos moest voorlopig zonder boot verder in Andijk (waar wél een jáchthaven is).Na korte of langere tijd echter, ik weet ook niet meer zo goed hoe lang, vroeg hij voorzichtig waar mijn Olympia-jol gebleven was. Die had ik verpatst aan Bert Visscher, dat wil zeggen: toen bleek dat hij toch wel behoorlijk lek was, had ik er geen geld voor willen hebben. Bert wist echter ook niet wat hij ermee aan moest en zo was hij in een caravanstalling in een oude strokartonfabriek beland en daar voorlopig gebleven. 
Hij was nog best te repareren, maar Bert vroeg of ik hem niet terug wilde hebben. Ik had echter geen zin en geen geld meer, en toen ging hij naar Frits en die deed er ook niets mee. Toen wilde Jos hem wel. We gingen samen kijken hoe hij er bij lag. Dat leek wel aardig. Wel bleek het roer inmiddels verdwenen. Vreemd zoiets. Maar we konden niemand iets verwijten, want hij was niet van ons. Toch hebben we er later natuurlijk uitbundig over gejammerd. Frits was blij dat hij er vanaf was. 
In een verhaal van Jos dat op een van deze pagina's ïs geplaatst  "De Kraai", staat een beschrijving van het een en ander. Bert heet daar "een cabaretier" en dat is hij nog steeds en Frits heet daar "de man die al zijn tijd nodig had voor het bestuderen van het lot der Indianen". Jazeker, maar die zijn ook erg slecht behandeld, bedenk dat wel.
Het bootje, een Olympia-jol, werd verplaatst naar een jachthaven in de buurt van Beerta of Finsterwolde, nog maar pas aangelegd in het kader van ontwikkelingshulp aan Oost-Groningen en daar zou Jos hem op gaan knappen.Jos had toen een vriendin bij zich, Marian. Zijn huwelijk liep niet zo prettig meer, er had een soort partnerruil plaatsgevonden en zo had Jos > Marian en Felicia had > Thedo, maar daar valt verder weinig over te vertellen. Marian was heel aardig. Ik kon goed met haar overweg.
Een goeie ouwe vriend uit Winschoten, Chris, kwam hem helpen met het dichten van het lek. Dat kostte wel enige moeite, maar het lukte, met enige opgespijkerde stukken blik, siliconenkit en veel touwpluis. Handige jongen, die Chris en aardig. Ik was er ook bij, maar kon niet veel doen. Zodoende volgde ik het een en ander van op een afstand op een bankje, of als het miezerde vanuit een auto, probeerde nog wat te leren voor een tentamen riep af en toe iets grappig bedoelds en verder was het meestal mooi weer. Zo had het allemaal toch iets weg van vakantie. 's Avonds dronken we wat in de kantine. Jos en Marian sliepen in een Trekkershut.

Pils!

Een plezierige tijd. Zonnig zou ik het willen noemen en tenslotte kon Jos de boot meenemen, volgens mij op een trailer. Mijn geheugen vertoont leemtes, maar als hij het hele eind was gaan varen, had ik het mij herinnerd en een tijdje gezeurd of ik niet meemocht.Zo had Jos weer een schip, mijn oude Olympia-jol. Dat was wel iets anders dan een Zestienkwadraat. Wat je een nadeel zou kunnen noemen, was dat hij een stuk kleiner en minder stabiel was. Wanneer hij goed schuin lag, maar je toch nog het gevoel had dat het wel kon, wist een extra golf van opzij hem net over het kritieke punt heen te kantelen. Ik was daaraan gewend maar ook mij was het nog wel eens overkomen.
Maar Jos was een tevreden mens. Hij liet het vaartuig nog verder restaureren. Wel had hij allerlei aanmerkingen over dingen die mij nou niet zo erg belangrijk leken. Zo zaten er hier en daar wat kleine zwarte vlekjes in het dek. Sommige zeilers hebben dan meteen de obsessieve angst dat het hout rot is op die plek, maar dat was nooit gebleken en het waren echt maar kleine plekjes. Ik hoop dat u mij deze details vergeeft, maar het zit me nog steeds dwars. Ik geef het toe: ik ben daar tamelijk kinderachtig in. Wie mocht denken dat het verhaal "De Afsluitdijk" slechts ware onlogenbare feiten bevat, stel ik er prijs op het volgende te verklaren: Er zaten geen gaten in het dek en dat het water zo welig de boot binnenstroomde dat de zelflozers het niet aankonden, komt slechts voort uit de poëtische fantasie van de auteur. Wat niet betekent, dat er nooit eens wat water binnendruppelde.

Jos had daarom besloten het hele dek dan maar zwart te verven.... Nou vraag ik je... 
Ach het was mijn boot allang niet meer. Ik heb hem trouwens wel nog een paar keer geleend om te gaan varen in Friesland. Na afloop voeren we hem dan samen terug over het IJsselmeer van Stavoren naar Andijk. De enige veiligheidsmaatregel daarbij was dat we samen gingen en goed naar het weerbericht luisterden. Geen reddingsvest niets. Onverstandig. Ik heb het nog wel eens bonter gemaakt trouwens, toen een bepaald meisje opeens niet meer mee wilde en ik alleen ben gegaan, maar ik leef nog.

Op zekere dag zat ik in het "Betty Asfalt complex" bij een TV-uitzending van Paul Haenen/Margreet Dolman. margreetHet publiek werd op een bepaald moment, zoals wel vaker, verzocht om een telefoonnummer op te geven van iemand die gebeld zou kunnen worden plus een vraag. Het was de bedoeling dat het over een conflict ging. Ik had het nummer van Jos opgeschreven.
Mijn briefje werd er uit gehaald. Jos nam zelf op en Margreet Dolman zei: "Er zit hier een zekere Rob Engelsman en die vroeg mij om jou het volgende te vragen: "Waarom heb je die prachtige mahoniehouten O-jol toch in godsnaam zwart geverfd?" 
Het was even stil."Rob-is-gek," zei Jos. Dat lijkt inderdaad op een conflict" riep Margreet Dolman verheugd en de zaal vond het ook spannend. 
Jos stak van wal, toen Margreet doorvroeg over de boot. Uitgebreid verhaalde hij over zijn tochten op het IJsselmeer tot aan de Afsluitdijk toe. Ik kan het me allemaal niet precies meer herinneren maar het moet nog ergens in het archief van Paul Haenen zitten, die me na afloop van de opname vertelde dat hij het een leuk gesprek vond.

Zoals ik al zei, Jos was soms een beetje roekeloos (net als ik) en de boot sloeg redelijk makkelijk om. Zo had hij al eens bij Medemblik een uur in het water gelegen omdat het schip na het omslaan niet meer leeg te hozen was. Er stond teveel wind.
Dat wist ik. In Friesland was me dat ook een keer overkomen en mocht ik blij zijn dat een schipper zo vriendelijk was om zijn motorjacht er dwars tegen de wind in voor te leggen. (Sindsdien heb ik nooit meer minachtend gesproken over "strijkijzers"). 
De zeilboot staat namelijk na het omslaan tot de rand vol met water en ligt dan met de boorden maar iets boven het wateroppervlak. Het water klotst bij flinke wind net zo hard over de rand als je het eruit hebt gehoosd. Of nog harder. Ook Jos wist gelukkig een vriendelijke schipper te vinden.
Het schijnt dat hij bij die gelegenheid onderkoelingsverschijnselen is gaan vertonen en dat heeft hem iets voorzichtiger gemaakt. Hij heeft nog overwogen, om de boot vol te stoppen met (auto)binnenbanden zodat die na omslaan weer flink boven water zou komen te liggen, maar dat was nog maar mondjesmaat gebeurd.

Lees verder >